Met honderden oude eiken is Lippenhuizen een waar walhalla voor de eikenprocessierups. Om de plaagrups op een natuurlijke manier te bestrijden, roept het dorp de hulp in van koolmezen, spreeuwen, boomklevers en zwaluwen. De werkgroep nestkastjes zorgt voor passende accommodatie.

Het idee voor een nestkastjesoffensief kreeg Gerrit Prikken toen hij gemaskerde mannen in witte pakken in opdracht van de gemeente de dorpseiken zag afstofzuigeren. “Ik tocht: kin dat no net op in natuerliker manier? Wy ha ferlet fan finken, protters en sweltjes.” Dan moet je de omgeving ook aantrekkelijk maken voor de vogels. Gerrit dropte zijn plan voor nestkastjes in de ideeënbus van Code Hans en zo kwam het bij Plaatselijk Belang terecht. “En fan Plaatslik Belang wer by my, want sa giet it yn in doarp.” Gerrit is nu eenmaal een regelaar en heeft zo zijn contacten.

 

Afkortrestanten
Gerrit vroeg overbuurman Willem Paas, niet alleen handig met de zaag maar ook vogelkenner, of hij niet een prototype van een nestkastje kon maken. “Dat ha ik dien”, vertelt Willem. “It kastje hat Gerrit ferfolgens meinommen nei Jan Blaauw fan KoningsBlaauw Houthandel yn Easterwâlde. Dy twa kenne elkoar.” KoningsBlaauw verwerkt veel plaatmateriaal en de afkortrestanten bleken goed bruikbaar voor de nestkastjes. De houthandel wilde de stroken gelijk wel even machinaal op maat zagen. “Sa hienen wy ynienen materiaal foar wol hûndert kastjes.”

 

Een beetje veel om in je eentje in elkaar te zetten, vond Willem. Op de maandelijkse koffieochtend voor de ouderen in het dorpshuis ronselde hij zo’n twaalf medestanders, waaronder Wierd Norder. Ook een groot vogelliefhebber, zo bleek. “Ik koe Willem net, mar dat is it moaie fan sa’n projekt, je komme mei elkoar yn de kunde.” Verdeeld over drie adressen schroefde de werkgroep in korte tijd ruim honderd nestkastjes in elkaar. Mezenkastjes met kleine toegang, iets groter openingen voor de spreeuwen en spechten, en kastjes met sleuven aan de zijkant voor boomklevers en -kruipers. De meesten in stemmig groen geverfd, maar de buurvrouw van Willem Paas wilde er ook wel een paar wat fleuriger opschilderen. “De nestkastjes ha in zwaan-kleef-aan-effekt.”

 

Onderbegroeiing
Het ophangen van de kastjes steekt nauw, weten Willem en Wierd. Als het even kan met de opening naar het noordoosten, afgekeerd van wind, regen en zon. “It moat binnen ek net te waarm wurde.” En op zijn minst 35 meter uit elkaar aan bomen met voldoende onderbegroeiing in de nabijheid, waar insecten zich kunnen ophouden voor de voedselvoorziening. De werkgroep nestkastjes krijgt wat dat betreft weer versterking van de werkgroep biodiversiteit, die gaat de dorpsbermen inzaaien met kruidenrijke mengsels. Maar alles goed en wel, honderd kastjes bouwen is geen kunst, zegt Willem. “Aanst giet it om beheer. Wa makket yn de hjerst de kastjes skjin? Dêr leit noch in útdaging.”

 

Weer aangestoken door de voortvarendheid van zijn oudere dorpsgenoten kwam Gerrit op het volgende idee om ook twee zwaluwtillen toe te voegen aan de strijd tegen de eikenprocessierups. “Ik ha al in bytsje sponsorjild by elkoar, mar der kin noch wol wat by.” Waar de tillen moeten komen heeft hij al geregeld. Niet op gemeentegrond, want Opsterland zit niet op de verantwoordelijkheid te wachten. “Ien komt by de wettertoer en de oare op it stik lân neist myn hûs. Dat brûk ik dochs net.”

Foto: Sietse de Boer
Tekst: Wim Bras
Bron: Sa24.nl